VRAAGBAAK VAN DE MAAND
STEL EEN VRAAG AAN ...

Dinemarie Teunissen (kinderen/jeugd)
Miriam Wauters (volwassenen)
Sanne Vink (psycholoog)
VERRASSENDE WENDING TUSSEN ADHD EN HERSENTRAUMA

Door Pieter-Jan Carpentier

 

De hypothese dat hersentrauma een oorzaak van ADHD kan zijn, is al erg oud (herinner je de oude naam Minimal Brain Damage), en met recht nog niet vergeten, ook nu we meer weten over de genetische en neurobiologische achtergronden van ADHD. Een elegant onderzoek dat meer licht werpt op deze kwestie, mag daarom in deze rubriek niet ontbreken.

 

Dit retrospectieve onderzoek is opnieuw een bewijs van de waarde van zorgvuldig bijgehouden dossiers, in dit geval van 308 huisartspraktijken in het Verenigd Koninkrijk. De dossiers in deze Health Improvement Network Database bevatten gedetailleerde demografische gegevens van alle patiënten, en alle medische incidenten en diagnosen worden automatisch gecodeerd. Zoals het een goede studie betaamt, was de opzet helder en eenvoudig; bij alle kinderen in het register, die voor hun 10de de diagnose ADHD gekregen hadden, nagaan of zij voor hun tweede verjaardag een schedel-hersentrauma (waarvoor medische zorg was ingeschakeld) hadden meegemaakt. Het briljante van deze studie is het gebruik van niet één, maar twee controlegroepen; niet alleen alle kinderen zonder ADHD (dat spreekt voor zich), maar daarnaast ook de groep kinderen die in de eerste twee levensjaren een ander trauma, namelijk een brandwond hadden opgelopen. Het leuke van dit soort onderzoek is de macht van de grote getallen: met een zo groot onderzoekscohort (62.088 kinderen) kom je uiteindelijk tot 3 zeer respectabele groepen; 2.782 kinderen met een voorgeschiedenis van schedel-hersentrauma, 1.116 met brandwonden in de voorgeschiedenis, en een controlegroep van liefst 58.190 kinderen.

 

Rekenen, rekenen, rekenen en wat blijkt? Ook wanneer rekening gehouden wordt met verstorende factoren, zoals geslacht, prematuriteit en socio-economische status, is het risico op een diagnose ADHD in de groep met hersentrauma verhoogd (relatief risico 1.9) t.o.v. de controlegroep, maar dit is ook het geval voor de groep met brandwonden (relatief risico 1.7, dus vergelijkbaar).

 

Dit doet de pijl van de causaliteit de andere kant op slaan: dit onderzoek geeft geen aanwijzingen dat een vroeg schedel-hersentrauma een oorzaak van ADHD is, maar wel dat ongelukken op zeer jonge leeftijd (aanleiding gevend tot schedel-hersentrauma dan wel brandwonden, waarvoor medische behandeling nodig is) een vroege manifestatie zijn van de later vastgestelde ADHD.

 

Dit is nog geen definitief bewijs, daarvoor is prospectief onderzoek nodig, maar het illustreert het belang van de kennis van het functioneringsniveau voorafgaand aan traumata, om de gevolgen van een hersentrauma op de neurocognitieve ontwikkeling goed te kunnen bepalen.

Een laatste bedenking: ook al zijn sommige peutertjes dan meer onrustig dan anderen, dit onderzoek zegt toch ook iets over het ouderlijk toezicht. Zou aanvullend onderzoek bij de ouders van deze kinderen met vroegtijdige ongelukken een verhoogde prevalentie van ADHD kunnen aantonen?

 

Literatuur
1. Keenan HT, Hall GC, Marshall SW.
Early head injury and attention deficit hyperactivity disorder: retrospective cohort study.
BMJ. 2008 Nov 6;337:a1984. doi: 10.1136/bmj.a1984.




SITEMAP   COLOFON   DISCLAIMER